Vorderen verkeersgegevens communicatiedienst

 

Mondelinge vordering verkeersgegevens

In de artt. 126n/126u (verkeersgegevens) en 126na/126ua Sv (gebruikersgegevens) is het doen van een mondelinge vordering niet geregeld. In de regel zal een vordering dan ook schriftelijk moeten worden gedaan. Naar analogie van de voorschriften die gelden voor het doen van een mondelinge vordering op grond van de artt. 126nc/126uc126ng/126ug Sv, mag de vordering mondeling worden gedaan, mits deze vordering schriftelijk wordt bevestigd binnen de daarvoor geldende termijn.

Wijze vordering verkeersgegevens

De bevraging en verstrekking van gebruikersgegevens verloopt op elektronische wijze via het systeem van het Centraal Informatiepunt voor Onderzoek aan Telecommunicatie (hierna: CIOT). Elk regiokorps beschikt hiertoe over een speciale computer waar slechts geautoriseerde opsporingsambtenaren toegang hebben tot het CIOT-systeem. Met behulp van dit systeem kunnen op volautomatische wijze de maximaal 24 uur oude bestanden van de aanbieders worden bevraagd.

De vordering wordt verstrekt aan een opsporingsambtenaar die geautoriseerd is om op elektronische wijze een bevraging te doen in het CIOT-systeem.

Vordering verstrekking gebruikersgegevens (bestandsanalyse) (artt. 126na/126ua lid 2 Sv)

In de schriftelijke vordering bestandsanalyse van de officier van justitie worden tenminste twee tijdstippen waarop en locaties waar de gebruiker kennelijk gebruik heeft gemaakt van telecommunicatie vermeld (art. 5 lid 2 Besluit bijzondere vergaring nummergegevens telecommunicatie). In de vordering worden de gegevens omtrent de tijdstippen met een marge van + en – 5 minuten vermeld.

Een vordering bestandsanalyse wordt binnen kantooruren en op werkdagen verzonden naar alle aanbieders van een openbaar mobiel communicatienetwerk of -dienst. Binnen twee uur nadat de vordering tot bestandsanalyse (en telefonische attendering) is verzonden, zal de aanbieder aangegeven of (en binnen welke tijd) hij aan deze vordering gevolg kan geven. De behandelend officier van justitie zal vervolgens moeten besluiten of de resultaten van de bestandsanalyse afgewacht kunnen worden of dat hij zich rechtstreeks wendt tot de Dienst Specialistische Recherchetoepassingen (hierna: DSRT) van het Korps Landelijke Politiediensten (hierna: KLPD) voor de inzet van de IMSI-catcher.

Deel deze paginaShare on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn